Speelkwartier is voorbij

  Column

Column door Robert Goesten, Michigan, U.S.A.

Het staat nog steeds overduidelijk op mijn netvlies; het speelkwartier op de jongensschool in Kerkdriel in de jaren zestig en zeventig. Een razende groep jongens die los gelaten werd op een speelplaats die te klein was voor zoveel kinderen en dat werd elke dag duidelijker. Opstootjes waren aan de orde van de dag en het waren meestal dezelfde ‘boosdoeners’ die hun handen niet thuis konden houden. Het was echter opvallend dat de vechtersbazen het meestal dezelfde dag weer bijlegden en ‘vechten’ veranderde dan ook snel weer in ‘spelen’. Ik weet zeker dat dat gedrag op elke speelplaats voor kwam en nog steeds voor komt.

Dergelijk gedrag zien we ook in de politiek. De ene dag breken politici elkaar tot de grond toe af om de volgende dag elkaar weer volledig te vinden in een andere kwestie die lijkt te verbroederen. Dat is overigens prijzenswaardig, want de politici staan er voor het algemeen belang en niet voor hun individuele belangen en of ze een tegenspeler aardig vinden of niet. Het spel moet gespeeld worden en is vaak heel herkenbaar.

De laatste tijd echter maken de Haagse politici het wel erg bont. Na de verkiezingen van 17 maart raakte de vorming van een nieuwe regeringscoalitie dusdanig in het slop dat er geen onderling vertrouwen tussen mogelijke coalitiepartners meer lijkt te zijn. Dit naar aanleiding van genotuleerd onderling geroddel tijdens de zogenaamde verkenningsgesprekken. De partijen in de tweede kamer verweten Mark Rutte de grootste boosdoener te zijn en spuwden hun gal over hem uit; ook coalitiepartijen CDA, CU en D66 deden dat. Er kwam een ‘time out’ om de gemoederen te laten bedaren, maar vorige week laaide het gevecht weer op omdat er volgens de vergaderingsnotulen ook in het kabinet geroddeld bleek te zijn over kritische kamerleden met betrekking tot de toeslagenaffaire.

Dit keer waren echter alle coalitiepartijen bij de vuilspuiterij betrokken. In zekere zin een opsteker voor Rutte die ineens niet meer in zijn eentje als boeman bestempeld kon worden. Gedeelde smart is halve smart.

Als u het politieke nieuws een beetje bijhoudt dan weet u hoe het is afgelopen. Een nieuwe motie van wantrouwen werd weggestemd door, jawel, de coalitiepartijen. Toch is het opnieuw een kras over de neus van het demissionaire kabinet die zo bijna geen neus meer over houdt. Ondertussen zit het land nog steeds zonder een nieuwe regering na de verkiezingen, die toch een duidelijke richting aan gaf. Kennelijk is het in Den Haag moeilijk om prioriteiten te stellen.

Ik zie een taak weggelegd voor lokale vertegenwoordigers van landelijke partijen, raadsleden dus. Zij roeren in verkiezingstijden hun trom met de boodschap dat ze ‘lijntjes’ hebben naar Den Haag. Het is nu tijd voor die partijen, ook in de Maasdrielse raad, om die lijntjes te activeren en op de Haagse trom te slaan.

De vechtersbazen moeten onderhand hun knopen gaan tellen en aan het werk met de vorming van een nieuwe regering. Het land snakt ernaar met alle problemen die om een oplossing vragen. Een schone taak voor de lokalen. Het speelkwartier is voorbij!

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden