De Werkgroep Kleine Marterachtigen Bommelerwaard plaatste diverse wildcamera's. De bruine rat liet zich vaak zien.
De Werkgroep Kleine Marterachtigen Bommelerwaard plaatste diverse wildcamera's. De bruine rat liet zich vaak zien. (Foto: Wildcamera Natuurwacht)

Haal je er een weg dan komt de ander

Geen populair beestje, de rat. Denk je aan ratten, dan denk je aan riolen, open geknaagde vuilniszakken en enge ziektes. Dus hoe minder ratten hoe beter, toch? Ecoloog Coen van Tuijl denkt daar iets genuanceerder over. “De rat heeft zijn plek in het ecosysteem. Ik heb er waardering voor hoe deze ras-opportunist zich overal staande weet te houden.”

door Loeki Bruinink

Bommelerwaard - Ecoloog Coen van Tuijl uit Brakel is lid van de werkgroep Kleine Marterachtigen van Natuurwacht Bommelerwaard. Om de schuwe marterachtigen in hun natuurlijke habitat te spotten, plaatste zijn werkgroep op enkele locaties in de Bommelerwaard nachtcamera’s. De bruine rat verscheen veruit het meest in beeld, samen met de bosmuis en rosse woelmuis. “Niet zo verwonderlijk”, volgens Van Tuijl, “Bruine ratten leven graag in het veld. Er zijn weinig plekken waar dit nachtdier niet zit. Hij past zich makkelijk aan veranderende omstandigheden aan. In de onmogelijkste hoekjes weet hij zich nog te handhaven. In tegenstelling tot andere knaagdieren is de bruine rat een alleseter. Het voer in het kippenhok eet hij graag. Maar met een ei of kuiken weet hij ook raad. Bruine ratten zijn sterk gebonden aan water. Daarom vind je ze veel bij sloten. Daar graven ze hun hol. Parkeer je de auto boven zo’n holenstelsel, dan kan de grond verzakken.” Of er in de Bommelerwaard sprake is van een rattenplaag? Daar doet Van Tuijl geen uitspraken over. “Als het ’s winters in het veld kouder wordt en het voedsel schaarser, kunnen ratten naar schuren en stallen trekken. Daardoor lijkt het misschien of er meer ratten zijn.” Hij betwijfelt of rattenbestrijding zin heeft. “Haal je ergens een rat weg, dan neemt een andere rat het vrijgekomen leefgebied in. Haal je een heleboel ratten weg, dan worden de omstandigheden voor de overblijvers gunstig: de overlevingskansen van nestjes jonge ratten nemen toe en daarmee ook het totaal aantal ratten. Het bestrijden van ratten is zo een onbegonnen zaak.”

“De bruine rat heeft een slecht imago en komt daar waarschijnlijk nooit vanaf”, verwacht Van Tuijl. “Toch heeft dit beestje zijn eigen plek in het ecosysteem. Vooral als prooidier voor uilen, marters, wezels en bunzingen. Of voor een kat. Hoewel de meeste ratten lijken te eindigen onder het rubber. Vooral op landweggetjes worden ze overreden.” Het gebruik van rattengif is verboden. Wie geen last wil hebben van ratten, bergt etenswaren goed op, zorgt voor gesloten afvalbakken en laat geen diervoer op de grond liggen. “En geef natuurlijke vijanden van de rat een plek in de tuin. Marters en bunzingen houden van oude schuurtjes en houthokken. Deze schuwe beestjes krijg je niet te zien. Daarom plaatsen we die wildcamera’s, om te kijken waar ze zich ophouden. Mocht je ergens een marterachtige waarnemen, geef het dan door aan onze werkgroep!” Hoe meer marterachtigen in beeld, hoe minder kans op rattenoverlast.

Kijk op natuurwachtbommelerwaard.nl .

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden