On-kruid: Voorjaarszonnebloemen

In deze rubriek vertelt Jules Faber wekelijks over planten die in Nederland te vinden zijn. Hij gaat hierbij in op de kruidengeneeskunde en hun benaming, maar geeft ook recepten prijs. Deze week: de voorjaarzonnebloem.

Vanwege zijn vroege bloei is de voorjaarszonnebloem een aanwinst in je tuin. Het is voor mij dan ook volop genieten wanneer we een zachte winter hebben gehad. De helder gele bloemen van de voorjaarszonnebloem, die een gelijkenis vertonen met een kleine zonnebloem, staan dan al vroeg in bloei. Hij kleurt je tuin twee maanden geel en als je geluk hebt, bloeit de plant op het einde van de zomer nog een keer.

Bij mij in de tuin staan ze op een open plek, maar op schaduwrijke plekken wil hij ook groeien. Hij doet zijn bijnaam, schaduwzonnebloem, eer aan. Plant ze wel in groepjes, dan komen ze het beste tot hun recht. Ieder jaar breidt hij zich verder uit door de kruipende wortelstokken.

Zijn Latijnse naam, Doronicum Oriëntale, komt van het Arabische woord Doronigi, wat giftig betekent. In vroegere tijden werd het giftige sap van de voorjaarszonnebloem gebruikt om pijl en speerpunten mee in te smeren.

Voorjaarszonnebloemen komen oorspronkelijk uit de Kaukasus en Zuid-Europa. Daarom kom je hem bij het tuincentrum ook wel eens tegen onder de naam Kaukasche voorjaarszonnebloemen. In Friesland noemen ze hem 'Foarjierssinneblom'.

Meestal wordt deze plant massaal aangeplant bij landgoederen, Pastorieën en boerenerven. Daarom wordt hij ook wel tot de stinsenplanten (verwilderder sierplant) gerekend.

Meer berichten

Dagelijks het laatste nieuws in je mailbox ontvangen?

Aanmelden