Foto: Hans van Oosterhoudt

Wim van Nassau

Door Robert Goesten

'Wilhelmus van Nassouwe ben ik, van Duitsen bloed. Den vaderland getrouwe blijf ik tot in den dood. Een Prinse van Oranje ben ik, vrij, onverveerd. Den Koning van Hispanje heb ik altijd geëerd.' Zo luidt de tekst van het eerste couplet van het Wilhelmus. Geschreven in 1570 naar de melodie van een ouder lied is het sinds 1932 officieel onze nationale trots. De meesten van ons kennen alleen het eerste couplet en niet die andere veertien. We vertrouwen er dan ook op dat er bij belangrijke gelegenheden een tekst aanwezig is zodat we die ook kunnen meezingen. Het lied is geschreven om eer te brengen aan de Vader des Vaderlands Willem van Oranje en het beschrijft in grote lijnen de strijd tegen de Spanjaarden die hij voor een onafhankelijk Nederland streed. Niks aan de hand, zou je denken, een lied uit het juiste hout gesneden. Het wordt gezongen bij belangrijke internationale sportevenementen en op nationale feestdagen zoals Koningsdag, dodenherdenking en bevrijdingsdag. Nu tegenwoordig alles onder vuur lijkt te liggen, van negerzoenen en Zwarte Piet tot Jan Pieterszoon Coen werd vorige week ook al een poging gedaan om het Wilhelmus bij een belangrijke gelegenheid te schrappen.

De Stichting Bevrijdingsconcert Winterswijk organiseert elk jaar in het kader van de 'Internationale viering van de vrijheid' een gratis concert waarbij ook Duitsers aanwezig zijn. Om die Duitse bezoekers niet voor het hoofd te stoten had het stichtingsbestuur besloten om met de traditie van het spelen van het Wilhelmus te breken. Zij vond het spelen van het Nederlandse volkslied 'niet gepast bij een internationale viering'.

Een kleine storm van protest stak de kop op in Den Haag waar enkele Kamerleden hun ongenoegen met de beslissing kenbaar maakten. Ook deelnemers aan het concert bleken gepikeerd. De organisatie was kennelijk zo geschrokken van de negatieve publiciteit die haar beslissing op had geroepen dat zij spoorslags haar keutel introk. Het Wilhelmus is toch gespeeld en hopelijk ging na afloop een luid gejuich op. Je hoeft immers geen radicale nationalist te zijn om protest aan te tekenen tegen die voorgenomen afschaffing van het spelen van de nationale trots. Ik beschouw mezelf in ieder geval niet als zodanig. Dat er in de grensstreek waarin Winterswijk ligt in de oorlog en daarna anders over de duisters gedacht werd dan elders in het land weet ik ook. Destijds trouwden bijvoorbeeld veel grensstrekers met Duitse jongens en meisjes. De landsgrens was daar immers geen belemmering voor. We mogen echter van diezelfde Duitsers verwachten dat zij begrip hebben voor onze nationale gevoelens net zoals zij die ongetwijfeld hebben. De gedachte achter het spelen van het volkslied is immers niet het onder hun neus wrijven dat zij de oorlog destijds verloren hebben. Het geeft volgens mij slechts aan dat Nederland blij is met haar onafhankelijkheid, die zowel in de zestiende en zeventiende eeuw als in de twintigste eeuw zwaar bevochten is. Ik ben echter bang dat er een opening is ontstaan voor kritiek op ons volkslied bij andere gelegenheden want net zoals bij andere gevallen zijn er altijd voors en tegens te bedenken. Maak uw borst maar nat.

Robert Goesten
Meer berichten