Lang leve het dorp

door Robert Goesten, Michigan, U.S.A.

We kennen allemaal wel het begrip 'sociale controle'. Sommige mensen griezelen er van en voor anderen is het een zegen. Het meest associeren we dat begrip toch wel met het in de gaten houden van mededorp- of stadbewoners, uit nieuwsgierigheid of om, indien nodig, te hulp te kunnen schieten. Het is daarbij een gegeven dat de sociale controle in een stad kleiner is dan in een dorp. In een stad leeft men blijkbaar anoniemer. Men kent soms zelfs de naaste buren niet. Daar tegenover staat het leven in een dorp. Hoe kleiner het dorp hoe meer controle, zo lijkt het. Immers, iedereen kent iedereen en van praten komt praten om het maar eens op z'n dorps uit te drukken. Dat laatste werkt voor sommige dorpsbewoners sociaal verstikkend. Toch is het anonieme leven in de stad ook niet alles. Hoe vaak horen we niet over mensen die dood in huis gevonden worden, zonder dat ze daarvoor met iemand contact hadden? In november werd in Amsterdam nog een man gevonden die al maanden dood in zijn huis lag. En in 2013 werd in Rotterdam een vrouw aangetroffen die maar liefst tien jaar daarvoor overleden was. Dit zijn maar enkele voorbeelden van schrijnende gevallen. In de stad Groningen werden het afgelopen jaar twaalf mensen gevonden die al langer dan tien dagen dood in huis lagen.

Volgens de schouwarts van de GGD Groningen stierven ze een natuurlijke dood, pleegden suïcide of overleden door een ongeluk of overdosis in huis. Eenzaam en alleen. Mensen met een klein netwerk. Alleenstaande ouderen, maar ook jongeren met psychische problemen of verslavingsproblematiek. Door allerlei problemen vaak zonder werk of ze konden door ziekte niet werken. Psychologen breken het hoofd over waarom het in de stad zo veel vaker voor komt. Anoniem leven is in een dorp immers ook mogelijk, alhoewel moeilijker. Kan het de medestadgenoten niet schelen wat er achter de ramen van de buren gebeurt of ligt het toch aan iets anders? Vereenzaming is het toverwoord en dat komt overal voor. Er is echter nog hoop…

De zesenvijftigjarige Hans was vaste klant bij Bakker Bart in Middelburg. Met achtenveertigduizend inwoners een groot dorp of een kleine stad. Hans kwam er elke dag en at dan een ontbijtje. Zo bouwde hij een band op met de werknemers en bakkerij-eigenaar Alain Desmedt. Oudjaar was de laatste keer dat Hans in de bakkerij kwam. Na enkele dagen vroeg Desmedt zich af waar hij was. Hij belde drie weken geleden naar de politie, maar op het bureau waren geen meldingen binnengekomen over zijn vermissing. Via via achterhaalden de werknemers ook het adres van Hans. Desmedt ging er langs maar de gordijnen waren dicht en niemand deed open. Werknemers besloten ook poolshoogte te nemen bij zijn huis. Door de gordijnen zagen ze achterin het huis licht branden. De politie werd gewaarschuwd waarna Hans in zijn huis gevonden werd. Hij was een natuurlijke dood gestorven. Door de medelevendheid, of zo u wilt sociale controle, van de bakkerijmensen werd hij gevonden zonder dat eerst de post de brievenbus uit kwam gevallen of er bromvliegen voor de ramen verschenen. Lang leve het dorp!

Meer berichten