Verdomme!

door Robert Goesten, Michigan, U.S.A.

Aan het eind van de jaren zeventig verscheen de televisieserie 'Dagboek van een herdershond' op onze beeldbuisschermen. Het verhaal ging over de lotgevallen van kapelaan Erik Odekerke in het Limburgse Geleen van de jaren twintig. Odekerke was een onhandige en verlegen jongeman die zich desondanks in alle lagen van de bevolking in zijn parochie begaf. In de eerste aflevering valt de kapelaan van zijn fiets en slaakt: "Verdomme!" Het personage van de jonge kapelaan was sympathiek en de kijkers koesterden al snel een grote genegenheid voor de schuchtere geestelijke die ook nog eens verliefd werd op de dochter van een herenboer. Dit alles werd begripvol ontvangen door het televisiepubliek die met een wellicht nostalgische blik de scènes aanschouwde. Het herinnerde de katholieken in Nederland aan het 'rijke roomse leven' dat globaal tussen 1860 en 1960 bestond.

Dat 'rijke leven' werd vooral gekenmerkt door de zware stempel die de kerk op de samenleving drukte. De herders hielden hun schapen scherp in de gaten en tot in de jaren vijftig bevroegen zij hun kudde jaarlijks of er nog nageslacht op komst was. Immers, de kudde hoorde te groeien. Dat alles werd in de jaren zestig en daarna niet meer getolereerd. De schapen waren niet langer meer mak. Wat daarna uit de hoge hoed van de geestelijkheid sprong tartte echter elke verbeelding. Over de gehele katholieke wereld, dus ook in het brave Nederland, bleken minderjarigen door de jaren heen door herders van de kerk te zijn misbruikt voor seksuele doeleinden.

Gefrustreerde of pedofiele priesters gingen zich te buiten, gebruikmakend van hun machtspositie als vertegenwoordigers van de Allerhoogste. Duizenden jonge mensen werden voor het leven getekend, terwijl veel van de daders ongestraft bleven en zelfs beschermd werden door hun leiders. Onlangs openbaarde zich een nieuwe golf van schandalen waarbij het Vrouwelijk Platform Kerkelijk Kindermisbruik pleit voor nieuw onderzoek en straffen voor alle daders en diegenen die hun daden toedekten. Volgens de krant NRC gaat het bij de 'toedekkers' in ieder geval om 20 van de 39 Nederlandse hoge geestelijken die tussen 1945 en 2010 actief waren. Vier bisschoppen hebben zichzelf ook bevuild door aan kindermisbruik deel te nemen. Zelfs de op één na hoogste baas van de kerk, de Paus, wordt van toedekkingspraktijken beschuldigd in de tijd dat hij nog kardinaal in Argentinië was.

Het is uitermate triest dat de rooms katholieke kerk niet in staat is om schoon schip te maken. Wellicht is het door het priestertekort dat zij aarzelt om de rotte appels er uit te gooien, maar zo kan dit niet doorgaan; de kerken lopen toch al leeg als een slecht opgeblazen ballon. Het doet ook geen recht aan de goedwillende priesters en vrijwilligers die zich uit de naad werken voor hun schapen, hoe klein in getal dan ook. Er zal recht gedaan moeten worden en wel op korte termijn. Ik had mijn honderdste column liever vrolijker afgesloten, maar tot die tijd denk ik aan de kerk waarmee ik ben opgegroeid en zeg: "Verdomme!"

Meer berichten