Een bijdehand stukje

Column door Jelmer aan den Toorn

Soms word ik wel eens gevraagd om voor iemand een stukje tekst te schrijven. Zoals laatst voor het Klankbord, een regelmatig verschijnend blad van de Protestante Tweestromengemeente Rossum-Heerewaarden-Hurwenen. In het verleden heb ik al eens vaker op verzoek een bijdrage daaraan geleverd. Zo’n bijdrage gaat altijd over een bepaald thema, waarbij de interpretatie voor ieder vrijgelaten wordt. Wat ik schreef, leest u hieronder:

Of ik een stukje wilde schrijven over het thema ‘Handen’. Natuurlijk wil ik dat, want ik schrijf graag stukjes, dus het ligt voor de hand dat mijn antwoord ‘ja’ zou zijn. Vaak ontstaan mijn stukjes ad hoc, zonder vooraf bepaald onderwerp, maar toen ik las dat het thema van deze keer ‘handen’ is, gingen gelijk de raderen draaien. Over handen kun je veel zeggen. Door de boot genomen heeft de gemiddelde Nederlander er twee stuks van in bezit, uitzonderingen daargelaten. Je handen zijn een verlengstuk van je armen en worden aangestuurd door je grijze massa, net als al je ledematen, dat gaat hand in hand.

Het werd dus tijd om de handen uit de mouwen te steken en achter de computer te kruipen voor dit stukje. Ik nam me voor om eens een keer ruim voor de deadline mijn kopij aan te leveren, en dat is gelukt ook! Hoewel dat normaal gesproken niet echt voor de hand ligt, ik vind het over het algemeen fijner om strak tegen de deadline aan te werken. Soms, daarvoor moet ik de hand in eigen boezem steken, ga ik ook wel eens over een deadline heen. Dit keer dus niet, dat scheelt weer frustratie voor de redactie.

Goed, handen dus. De mijne zijn over het algemeen allebei links (overigens niet per se in lijn met mijn politieke voorkeuren), al moet ik zeggen dat de laatste jaren mijn handen wel eens laten zien dat ze ook rechts kunnen zijn. In mij zit best wel wat handigheid verborgen, maar het komt er pas uit als ik zelf mijn gang kan gaan. Niet teveel op mijn vingers kijken, dan is er niks aan de hand. Soms zeggen ze wel eens: ‘Wat zijn ogen zien, maken zijn handen’, maar dan gaat het in ieder geval nooit over mij, dat kan ik u beloven. Voor mij zou het meer zijn ‘Wat zijn hersens bedenken, typen zijn vingers.’ Ieder zijn vak, hè.

Daarnaast ondersteun ik het principe ‘vele handen maken licht werk’ volledig. Gewoon vragen als je ergens wat extra handjes bij nodig hebt. De handen ineenslaan, zeg maar. Daar zijn we in Rossum goed in. Vooral in het verenigingsleven, daar krijgen we altijd wel de handen ergens voor op elkaar. We mogen onze handjes dichtknijpen dat ons dorp zo actief is, want als straks de coronacrisis achter de rug is, zult u zien dat de reuring in het dorp snel weer terug is. Dan neemt de leefbaarheid weer hand over hand toe, de verenigingen nemen daarvoor het heft weer in eigen handen. In Rossum hebben we daar geen fieldlab-evenementen voor nodig, die handreiking hoeven ze ons niet te doen. Wij Rossumers wachten gewoon af tot we weer mogen, we kunnen immers geen ijzer met handen breken. Mocht u in de tussentijd ergens hulp bij nodig hebben, vraag het me gerust. Ik draai er mijn hand niet voor om een ander te helpen, Naastenliefde is namelijk een kolfje naar mijn hand. Als het in mijn macht ligt om te helpen natuurlijk, want ook ik kan de maan niet met mijn handen grijpen. En in een wespennest steek ik ze ook niet.

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden