On-kruid: Ranonkel

In deze rubriek vertelt Jules Faber wekelijks over planten die in Nederland te vinden zijn. Hij gaat hierbij in op de kruidengeneeskunde en hun benaming, maar geeft ook recepten prijs.

Het verbaast mij iedere keer weer dat er uit zo’n klein knopje zo’n imposante en kleurrijke bloem te voorschijn komt. Het is één van mijn favoriete bolgewassen in mijn voorjaarstuin. Ranonkels bloeien vanaf begin april tot mei. Vooral de Franse ranonkels groeien makkelijk en zijn te verkrijgen in allerlei kleuren. De ‘roots’ van deze bloem liggen in de Kaukasus en Midden-Azië. Via allerlei omwegen kwam de ranonkel in 1596 in Europa terecht en kreeg de Latijnse naam Ranunculus mee. Een enigszins grappige naam, want Ranunculus is de Latijnse naam voor kikker. Op zich is dat niet zo gek, als je weet dat de ranonkel in het wild in moerasachtige gebieden groeit.

Vrij snel zag men de waarde van deze kleurrijke plant, met zijn roosachtige bloemen. Een bedrijf uit Haarlem bracht in 1769 al een catalogus uit waarin wel 800 verschillende gekleurde ranonkels voorkwamen.

Vooral in de Victoriaanse tijd waren de ranonkels geliefd, ze werden aan toekomstige geliefde of partners gegeven. Meestal koos men voor de wat kleinere Perzische ranonkels, vanwege zijn volle en kleurrijke bloemen.

De bloem behoort tot de boterbloemfamilie, die allemaal giftig zijn. Dus ook de ranonkel die, na inname, maag- en darmontstekingen en klachten aan het zenuwstelsel kan veroorzaken. Maar laat dat u niet weerhouden om dit bolgewas een prominente plek te geven in de voorjaarstuin.

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden