Herinnering moet levend blijven | Al het nieuws uit Maasdriel


<p>Wethouder Bragt en Louis Stranders planten samen de directe afstamming van de Anne Frankboom op de Begraafplaats Bossche Poort.</p>

Wethouder Bragt en Louis Stranders planten samen de directe afstamming van de Anne Frankboom op de Begraafplaats Bossche Poort.

(Foto: Marielle Pelle)

Herinnering moet levend blijven

Anne Frank symboliseert de onschuldige kinderen die in de oorlog vermoord werden, een lot dat ook de Bommelerwaard trof. In haar beroemde dagboek schrijft Anne over de kastanjeboom achter in hun tuin. Vorige week mocht Zaltbommel een nakomeling ontvangen van deze kastanjeboom. Een herinneringsboom die symbool staat voor de wrede geschiedenis die ook de Bommelerwaardse Joodse gemeenschap trof.

door Marielle Pelle

Bommelerwaard - “We willen in het bijzonder stil staan bij de kinderen van de Joodse gemeenschap in de Bommelerwaard die in de Tweede Wereldoorlog zijn gedeporteerd en vermoord. Veertien kinderen die nog in de bloei van hun leven waren”, spreekt wethouder Bragt op de begraafplaats aan de Bossche Poort. Bij dit moment zijn alleen een tweetal afgevaardigden van de stichting Mikwe en een paar fotografen en verslaggevers van de pers aanwezig, maar de stilte en de woorden zorgen voor kippenvel bij het kleine groepje aanwezigen. Naast wethouder Bragt staat, stil en ingetogen, de 75-jarige Louis Stranders uit Zaltbommel. Bragt tekent met zijn woorden het verhaal de 4-jarige Greetje, de zus van Louis. Samen met haar opa en oma werd ze afgevoerd naar Westerbork, van daaruit werd ze zonder haar opa en oma vervoerd naar Sobibor en daar werd ze op 21 mei 1943 als vierjarig meisje vergast. De ouders van Louis hebben als onderduikers de oorlog overleefd, maar kregen later te horen dat zowel hun kleine dochtertje Greetje als haar grootouders waren gedeporteerd en vermoord.

Waarschuwing
De stilte op de begraafplaats, de woorden van Bragt, het silhouet van Stranders en daarnaast de jonge gezonde kastanjeboom, maakt alle aanwezigen stil. Bewogen spreekt Bragt: “Woorden schieten tekort als we dit overdenken, maar het is onze plicht om deze herinnering levend te houden. Uit respect voor Greetje en alle anderen die vermoord zijn, maar ook als waarschuwing dat we alert moeten zijn op ontwikkelingen die het mogelijk maken dat dit soort zaken ooit nog eens zullen gebeuren. Na de oorlog is hier bijzonder weinig aandacht aan geschonken, wat zeker geen recht doet aan alles wat er met onze Joodse landgenoten is gebeurd.”

Betrokken vertelt Bragt hoe deze nakomeling van de Anne Frankboom de weg naar Zaltbommel vond. De boom mag gaan groeien en opnieuw tot bloei komen en staat samen met andere monumenten symbool voor de gruwelijke geschiedenis, die niet vergeten mag worden. “Wat hier gebeurd is, in de Zaltbommelse gemeenschap - en onder die gemeenschap verstaan we alle Joden uit de Bommelerwaard die behoorden bij de synagoge in Zaltbommel - mag nimmer meer gebeuren. Met deze boom gaan onze gedachten specifiek naar de vele Joodse kinderen die gedeporteerd en vermoord zijn. We mogen ons hoofd niet wegdraaien, dit verhaal is de harde wekelijkheid. Kinderen die niet lang geleden vermoord werden om wie ze waren.” Bragt zegt dat hij hoopt dat de boom een middel mag zijn voor scholen om met de kinderen na te denken en stil te staan bij wat er in de Bommelerwaard is gebeurd. “Het is een boodschap voor ons en respect voor de kinderen en wat er gebeurd is.” Stil en met gebogen hoofd luistert Louis Stranders naar de woorden van wethouder Bragt, daadkrachtig pakt hij de schep en plant hij de Anne Frankboom in Zaltbommel.

Erfenis
Naderhand vraag ik hem wat hij ervan vindt dat hij hierbij mag zijn. Hij heft zijn hoofd op en zegt: “Dat ik hierbij móét zijn!” Hij buigt zijn hoofd, tot in het diepst voel ik de kracht van deze woorden. Stranders praat zachtjes verder: “Dat mensen zich zo te buiten mogen gaan, dat mensen zo vervolgd worden is een kwalijke zaak. En het gebeurt nog. Er gebeurt nog te veel. Hoe meer ik eraan denk, hoe meer ik verwonderd ben van wat er nog gebeurt.” Terwijl we naar de jonge telg van de Anne Frankboom kijken, met de oude grote toren van de St. Maartenskerk op de achtergrond, zegt Stranders: “Dit is de erfenis die ik mijn leven lang meedraag. Anne Frank heeft de kastanjeboom gezien als teken van leven en vrijheid, dat symbool moeten we zien. We moeten waarderen wat we hebben en de boodschap moet zijn dat we groepen niet isoleren of discrimineren, want dit kan leiden tot dingen die je niet wil.”

Anne Frankboom
Er is lange tijd geprobeerd de Anne Frankboom te bewaren, maar helaas waaide hij op 23 augustus 2010 om. Van de originele boom zijn nieuwe bomen geënt. De gemeente Zaltbommel mocht een afstammeling van de boom ontvangen en deze witte paardenkastanje symboliseert ook in Zaltbommel het leed dat onschuldige kinderen is aangedaan.

Meer informatie
Meer informatie over de ondergang van de Joodse gemeenschap in de Bommelerwaard lees je in ‘Als ik in Vught ben probeer dan eens te schrijven…’. Dit boek is verkrijgbaar bij de Bruna in Zaltbommel.

Of kijk op de website van stichting Mikwe: www.mikwe.nl.

Joodse kinderen

Hieronder lees je over het lot van een aantal Bommelerwaardse Joodse kinderen. 

*Onderstaande teksten zijn afkomstig uit het boek ‘Als ik in Vught ben probeer dan eens te schrijven….’.

Kinderen van Gelder uit Rossum
Abraham en Hester van Gelder hadden drie kinderen: Josina (13), Emile (9) en Silo (5). Het gezin werd op 9 april 1943 naar Kamp Vught gedeporteerd. Op 6 juni werden alle kinderen uit Kamp Vught per trein naar Westerbork vervoerd, een dag later naar Sobibor. Bij aankomst werden zij direct vergast.

Er zijn ontroerende brieven van Josina aan vriendin Sjaan bewaard gebleven. Zo schrijft ze: ‘Zeg Puntemuts, als ik in Vught ben probeer dan eens te schrijven. (...) We houden goede moed en onze kop omhoog.’

Hedwig Falkenstein
Hedwig Falkenstein vluchtte uit haar geboorteland Duitsland voor de Nazi’s en verbleef bij de familie Kahn in de Boschstraat. Ze was 15 toen ze in Auschwitz werd vergast. De broer van Hedwig, Kurt, verbleef enige tijd bij de familie Joosten in de Boschstraat. Ook hij kwam kort na de Kristallnacht in 1938 naar Nederland. Kurt overleefde de oorlog.

Max en Betty Joosten
Broer en zus hebben plezier. Ze staan voor de slagerij van vader en komen op de foto. Max is negen jaar en zal in september 1942 naar de Joodse lagere school in Den Bosch gaan. Zusje Betty wordt in de zomer van 1942 nog aan haar amandelen geopereerd. Op 18 november worden ze opgehaald. Op 27 november 1942 verdwijnen ze in de gaskamer van Auschwitz. Max is 10 jaar geworden, Betty 6 jaar.

Ouders Hes en dochters
Hugo Hes, zijn echtgenote Sara Hes-Groenewoudt en hun dochters Kitty en Elly, circa 1939. Het gezin Hes woonde boven hun kledingzaak (thans De Koopvaardij) in de Boschstraat. Vader Hes kwam in 1944 in een dwangarbeiderskamp om, moeder en dochters Elly en Kitty (16 en 14 jaar) werden in november 1942 in Auschwitz vergast.

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden