<p>Dit is het derde deel van het verhaal &#39;Giftige waarheid&#39;, geschreven door Frans van den Heuvel sr. Er volgen nog drie delen.</p>

Dit is het derde deel van het verhaal 'Giftige waarheid', geschreven door Frans van den Heuvel sr. Er volgen nog drie delen.

Giftige waarheid...(deel 3)

Voorzichtig duwt de eigenaar de deur open. We zien een gigantische puinhoop. Omvergeworpen meubels, kapotgesneden stoelzittingen en vernielde fotolijsten. Aarzelend lopen we naar binnen, de glasscherven knerpen onder onze voeten. “Hier is iemand naar iets op zoek geweest,” zegt de eigenaar. De slaapkamer, het keukentje en de badkamer bieden dezelfde, troosteloze aanblik. We kijken elkaar in de ogen en bespeuren toch wel enige opluchting; Sasja is geen onderdeel van de puinhoop.

door Frans van den Heuvel sr.

Ik zeg tegen de eigenaar: “Hebt u beneden niks gehoord? Het zal hier toch niet geruisloos zijn gegaan?” “Zeg maar Jos, hoor”, zegt hij. “Na deze toestand zijn we geen vreemden meer voor elkaar. Maar nee, we hebben er niks van meegekregen, dus moet het na sluitingstijd zijn gebeurd en dat is meestal zo rond een uur of half twee. Dan nog wat opruimen. Meestal ben ik dan de laatste die naar huis gaat, ik woon verderop.”

We gaan naar beneden. Jos bekijkt het slot en zegt dat hij er niets bijzonders aan ziet, maar dat het niet moeilijk is om binnen te komen. Het café is, op een paar mannen aan de bar na, leeg. We gaan aan het raam zitten en Jos haalt koffie.

“Ik ga aangifte doen van de inbraak, Martine”, zegt hij. “Sasja huurt het appartement gemeubileerd van me, dus voor de verzekering is dat noodzakelijk. Ik zal er ook bij vertellen dat ik niet weet waar ze is. En meer kan ik niet doen.”

“Ik heb de namen en adressen van haar naaste familieleden niet direct bij de hand”, zegt Martine, “maar daar kom ik wel achter zodra het nodig is. Het lijkt me niet verstandig om nu al paniek te gaan zaaien binnen haar familie.” We wisselen contactgegevens uit, voor het geval ze plotseling mocht opduiken, en nemen afscheid. Ik loop naar m’n auto.

Net voor ik wil instappen, zie ik onder de ruitenwisser een stukje papier zitten. Ik vouw het open, en zie dat er een 06-nummer op staat en het zinnetje ‘gebruik niet je privé-telefoon.’ Ik kijk om me heen en zie dat de pastoor in de deuropening van de kerk om zich heen kijkt. Hij heeft geen belangstelling voor me. Ik stop het papiertje in mijn tas, start de auto en maak aanstalten om te vertrekken. Op dat moment gaat de pastoor de kerk in en sluit de deur achter zich. Nét iets te toevallig in mijn ogen.

Wordt vervolgd.

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden